Studentenjob: drie tellers, en maar één ervan kost je geld
Iedereen kent de 650 uren. Bijna niemand weet dat ze maar één ding bepalen: je bijdragevoet. Of je ten laste van je ouders blijft, hangt af van een heel andere grens, uitgedrukt in euro. En je kinderbijslag houden, hangt af van een derde teller, die verschilt volgens je Gewest. Drie tellers, drie logica's — en geld verlies je net door ze te verwarren.
De Belgische studentenjob steunt op drie systemen die niet met elkaar praten: de sociale zekerheid telt uren, de fiscus telt euro's, en de kinderbijslag telt nog andere uren, met regels die verschillen volgens je Gewest. Onder de 650 uren blijven garandeert dus helemaal niets op de twee andere fronten.
De 650 uren: wat ze wel doen, en wat niet
Het contingent ging op 1 januari 2025 van 475 naar 650 uren. Het is geen arbeidsplafond: daarboven mag je verder werken, alleen aan de gewone bijdragen. Veel studenten stoppen bij 650 uren omdat ze denken dat het verboden is — het is enkel minder voordelig.
Hij springt op 1 januari terug op 650. Niet-gebruikte uren zijn weg, en uren die je in één jaar te veel presteert, verminderen het quotum van het jaar erna niet. Je saldo bekijk je op studentatwork.be of in de app Student at work, en je werkgever kan het nakijken voor hij je aanwerft.
Twee regelingen zijn combineerbaar met het contingent. Het verenigingswerk: 190 uren per jaar bovenop je quotum, en wat je daarboven presteert, gaat wel van je 650 uren af. En de gelegenheidsarbeid in de horeca, met een eigen systeem van 50 dagen, dat je er evengoed naast mag zetten.
Wat je echt betaalt
| Situatie | Deel student | Deel werkgever |
|---|---|---|
| Binnen de 650 uren | 2,71% | 5,42% |
| Boven de 650 uren | 13,07% | gewone werkgeversbijdragen |
Het verschil bedraagt meer dan tien punten op je bruto. Bij een uurloon van 14 € gaat het om ongeveer 1,45 € per uur — zowat één werkuur kwijt per tien uren die je buiten het contingent presteert.
Een Dimona-aangifte van het type STU is verplicht zodra de solidariteitsbijdrage van toepassing is. Dat is niet jouw zaak maar die van je werkgever — alleen is het net het ontbreken ervan waardoor je, zonder het te zien, uit het voordelige stelsel valt.
Ten laste blijven van je ouders: een grens in euro
Dat is de tweede teller, en hij heeft niets met uren te maken. Voor de inkomsten 2025 blijft een kind ten laste als zijn nettobestaansmiddelen niet boven 12.000 € uitkomen.
De oude tabel maakte een onderscheid tussen een koppel, een afzonderlijk belaste ouder en een alleenstaande ouder van een gehandicapt kind, met drie bedragen tussen 4.000 en 7.300 €. Die is verdwenen. Vandaag geldt er nog één cijfer, ongeacht de situatie van de ouders. Kom je nog een tabel met drie bedragen tegen, dan is die achterhaald.
Het woord dat telt, is netto. De officiële berekening pakt een pak gunstiger uit dan ze op het eerste gezicht lijkt:
Een brutoloon van 8.000 € na bijdragen. Daar gaat de vrijstelling van 6.840 € af, blijft 1.160 € over. Het kostenforfait van 20% geeft 232 €, minder dan het minimum van 570 €: er wordt dus 570 € genomen. Nettobestaansmiddelen: 590 €. Dat zit ver onder de 12.000 € — het kind blijft ruimschoots ten laste.
student@work publiceert twee brutorichtpunten voor 2026, die alleen kloppen als je geen andere bestaansmiddelen hebt en geen werkelijke kosten aangeeft: 22.385 € is het bedrag waarboven je niet langer ten laste bent, en 15.971,43 € dat waaronder je zelf geen belasting betaalt.
De kinderbijslag: één teller per Gewest
Voor je 18e geldt geen enkele limiet: het recht blijft behouden ongeacht het aantal gepresteerde uren. Vanaf 18 jaar past elk Gewest zijn eigen regel toe.
per kwartaal
+ 240 u/kwartaal
+ 80 u/maand
In de drie Gewesten tellen verplichte stages voor het behalen van je diploma en de alternerende opleiding niet mee. De bevoegde instellingen zijn FAMIWAL en AVIQ in Wallonië, Famiris en Iriscare in Brussel, en Groeipakket in Vlaanderen — zij beslissen bij twijfel.
Het contract, en wat het je oplevert
De studentenovereenkomst is schriftelijk en verplicht. Ze is van bepaalde duur, wordt in twee exemplaren opgemaakt, individueel gesloten en uiterlijk bij de indiensttreding ondertekend. De werkgever stuurt binnen de zeven dagen een kopie naar Toezicht op de Sociale Wetten en geeft de tewerkstelling aan in Dimona.
Je belastingaangifte
Ze is verplicht vanaf 18 jaar, ook als je inkomsten ver onder de belastingdrempel liggen. Minderjarigen moeten er alleen een indienen als ze bepaalde inkomsten hebben, beroepsinkomsten of diverse inkomsten.
Er wordt geen bedrijfsvoorheffing ingehouden als drie voorwaarden samen vervuld zijn: een schriftelijke studentenovereenkomst, een tewerkstelling van niet meer dan 650 uren op het jaar, en geen gewone socialezekerheidsbijdragen verschuldigd. Is er toch voorheffing ingehouden — dat gebeurt wanneer het contingent in de loop van het jaar overschreden wordt — dan is het net je aangifte waarmee je dat geld terugkrijgt. Geen aangifte indienen komt erop neer dat je dat bedrag aan de Schatkist laat.
De klassieke valkuilen
⚠️ Denken dat 650 uren je overal beschermen. Ze gaan alleen over de bijdrage. Je kunt onder de 650 uren blijven en toch boven de fiscale grens uitkomen als je uurloon hoog ligt, of in Brussel kinderbijslag verliezen door al je uren in één kwartaal te proppen.
⚠️ Je uren op het verkeerde moment samenballen. In Brussel geldt de limiet per kwartaal. 300 uren werken in één kwartaal en daarna niets meer, kost je de kinderbijslag van dat kwartaal, terwijl hetzelfde volume gespreid geen enkel probleem geeft.
⚠️ Studentenjob en het statuut van zelfstandige verwarren. Dat zijn twee volledig aparte stelsels. Factureer je prestaties in plaats van loon te krijgen, dan geldt het statuut van student-zelfstandige, met eigen bijdragen en eigen drempels.