Welk pand kan ik kopen
De bank antwoordt « dit kan u lenen ». Dat is geen prijs: de aankoopkosten worden niet geleend, ze komen uit de eigen inbreng. Deze tool maakt de berekening af, gewest per gewest.
Je inkomen
Het krediet
Het beoogde pand
Vul een maandinkomen in om de berekening te zien.
🏦 Wat dat oplevert
Waar de inbreng naartoe gaat
—
📉 Wat de looptijd verandert
Een langere looptijd verlaagt de maandlast en verhoogt het kapitaal — maar de rentekost loopt snel op. Beide effecten naast elkaar, bij dezelfde maximale maandlast.
| Looptijd | Kapitaal | Rente | Totaal terugbetaald |
|---|
De methode, en haar grenzen
Wat wiskunde is
De aflossingsformule met constante annuïteiten is exact: een maandlast, een rentevoet en een looptijd geven een kapitaal, zonder interpretatieruimte. De aankoopkosten komen uit dezelfde motor als onze rekenmodule aankoopkosten — gewestelijke registratierechten, ereloon volgens tarief J van het koninklijk besluit geconsolideerd op 9 februari 2026, administratiekosten en btw.
Wat een afspraak is
De schuldgraad van 33 % staat in geen enkele wet. Het is een praktijk van de sector, die banken nuanceren: een gezin met hoge inkomens krijgt meer, omdat het leefgeld zwaarder weegt dan het percentage. Het veld is dus aanpasbaar, en dat is bewust.
Wat de berekening niet dekt
De bank kijkt ook naar wat deze simulator negeert: jobzekerheid, anciënniteit, gezinssamenstelling, het dossier bij de Centrale voor kredieten aan particulieren, en de schattingswaarde van het pand, die lager kan liggen dan de overeengekomen prijs. De schuldsaldoverzekering en de dossierkosten van de bank zitten er niet in. De getoonde quotiteit veronderstelt ten slotte dat de volledige resterende inbreng naar het pand gaat.
Een principeakkoord van een bank kost niets en is meer waard dan gelijk welke simulatie, de onze inbegrepen. Vraag er twee of drie: over vijfentwintig jaar is een kwart procent verschil duizenden euro's waard.