Meerwaardebelasting in België 2026: de complete gids

Voor het eerst belast België de meerwaarden van financiële activa uit het privévermogen. De regering De Wever I heeft op 3 april 2026 een belasting van 10% laten goedkeuren, retroactief van toepassing op meerwaarden gerealiseerd vanaf 1 januari 2026. Hier is alles wat je moet weten: betrokken activa, vrijstelling van € 10 000, vrijgestelde historische meerwaarden, FIFO-methode, opt-in/opt-out en strategieën om legaal te optimaliseren.

💡 Vóór je begint

Dit artikel beschrijft het wettelijke kader na de aanneming van de wet op 3 april 2026. De plafonds en tarieven kunnen jaarlijks evolueren. Voor complexe vermogensvragen (schenkingen, vruchtgebruik, holdings) raadpleeg je notaris of een fiscalist. Voor het algemene overzicht van het fiscale spaarlandschap, lees eerst onze hub Sparen & fiscaliteit.

Waarom deze belasting komt in 2026

België was een van de laatste Europese landen die de meerwaarden van particulieren op hun financiële activa niet belastte. Decennialang werden aandelen, ETF's en obligaties aangehouden in normaal beheer van een privévermogen volledig belastingvrij doorverkocht — alleen de roerende voorheffing op dividenden en de TOB werden toegepast.

Het regeerakkoord van de regering De Wever I (Arizona), getekend in 2025, heeft de maatregel verankerd: de « solidariteitsbijdrage », later omgedoopt tot meerwaardebelasting, moest in werking treden op 1 januari 2026 met een budgettaire doelstelling van ongeveer 500 miljoen euro per jaar in kruissnelheid.

📅
1 januari 2026 — effectieve inwerkingtreding Alle meerwaarden gerealiseerd vanaf deze datum zijn betrokken, ook al werd de wet zelf pas in april 2026 aangenomen.
🏛️
3 april 2026 — aanneming door de Kamer De wet werd aangenomen na een marathonzitting. Ze voegt de belasting toe aan het Wetboek van de inkomstenbelastingen (WIB 92).
Overgangsperiode tot 31 mei 2026 Tijdens deze periode konden de banken de belasting niet aan de bron inhouden bij gebrek aan een actieve wettelijke basis. De gerealiseerde meerwaarden moeten worden geregulariseerd.

Wie is betrokken, wie niet

De belasting geldt niet voor iedereen, noch voor alle vermogensstructuren. Hier zijn de precieze regels.

✅ Betrokken personen

❌ Niet-betrokken personen

⚠️ De valkuil van het « abnormaal beheer »

Als de fiscus oordeelt dat je verrichtingen onder abnormaal beheer of speculatie vallen (intensieve actieve trading bijvoorbeeld), blijven je meerwaarden belastbaar aan 33% als diverse inkomsten (+ gemeentelijke opcentiemen), zonder jaarlijkse vrijstelling noch bescherming van historische meerwaarden. De regering had aanvankelijk gepland dit regime af te schaffen maar is op die beslissing teruggekomen.

De betrokken financiële activa

De belasting dekt een zeer breed veld van financiële activa, of ze nu in België of in het buitenland worden aangehouden. Hier zijn de vier grote categorieën zoals gedefinieerd door de wet.

Categorie Voorbeelden
1. Financiële instrumenten Genoteerde en niet-genoteerde aandelen, obligaties, Staatsbons, ETF's / trackers, beleggingsfondsen, afgeleide producten (opties, futures, swaps), kasbons
2. Verzekeringscontracten Levensverzekeringen takken 21, 22, 23, 26 en 44 (sparen en beleggen)
3. Crypto-activa Zoals gedefinieerd in de Europese MiCA-verordening: Bitcoin, Ethereum, andere cryptomunten, NFT's
4. Deviezen en goud Beleggingsgoud (baren, munten), deviezen, digitale centralebankvaluta
✅ Volledig vrijgestelde producten

Verschillende producten blijven volledig buiten het toepassingsgebied van de nieuwe belasting:

  • Pensioensparen (3e pijler) — behoudt zijn eindbelasting op 60 jaar
  • Groepsverzekering en andere aanvullende pensioenen (2e pijler)
  • IPT (Individuele Pensioentoezegging) voor bedrijfsleiders
  • VAPZ (Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen)
  • POZ (Pensioenovereenkomst voor Zelfstandigen)
  • Gouden juwelen (behalve systematische doorverkoop met winstoogmerk)
  • Gereglementeerde spaarrekening (de rente blijft onderworpen aan de voorheffing van 15% boven € 1 020)

⚠️ Bijzonder geval van gemengde fondsen (« 19bis »)

Voor fondsen die ten minste 10% in obligaties beleggen (de bekende « 19bis-fondsen »), cumuleert de fiscaliteit:

Als minder dan 10% van het onderliggende van het fonds in obligaties wordt belegd, geldt enkel de meerwaardebelasting van 10%.

De jaarlijkse vrijstelling van € 10 000

Om de impact te verzachten, heeft de wetgever een jaarlijkse vrijstelling van € 10 000 per persoon voorzien. Het is dit element dat de meerderheid van kleine en middelgrote beleggers beschermt.

Element Regel
Basisbedrag € 10 000/jaar en per natuurlijke persoon
Gehuwde koppels / wettelijk samenwonenden € 20 000/jaar gecumuleerd (€ 10 000 elk)
Indexering Jaarlijks geïndexeerd op de inflatie
Overdracht Indien niet gebruikt, tot € 1 000/jaar overdraagbaar, met een limiet van € 15 000 cumulatief
Activering Moet altijd via de PB-aangifte worden geclaimd, ook bij inhouding aan de bron
✅ Concreet voorbeeld

Je verkoopt in 2026 ETF's met een totale meerwaarde van € 8 000. Aangezien dit onder de jaarlijkse vrijstelling van € 10 000 blijft, betaal je geen enkele belasting op deze meerwaarde — op voorwaarde dat je ze correct aangeeft om de vrijstelling te activeren. Als de bank € 800 (10% van € 8 000) heeft ingehouden in opt-in, recupereer je deze € 800 via je aangifte.

⚠️ De vrijstelling is nooit automatisch

Zelfs wanneer je bank de belasting aan de bron heeft ingehouden, geldt de vrijstelling van € 10 000 niet automatisch. Je moet ze expliciet claimen in je PB-aangifte, anders betaal je te veel. Het is een van de grootste valkuilen van het mechanisme 2026.

Historische meerwaarden (vóór 2026) — vrijgesteld

De wetgever heeft de meerwaarden verworven vóór 2026 expliciet beschermd. Het mechanisme berust op een « foto » van de waarde van de activa op 31 december 2025, die voortaan dient als referentie-aankoopprijs voor toekomstige verkopen.

Hoe het concreet werkt

📸
Referentiewaarde op 31 december 2025 Je financiële tussenpersonen (banken, verzekeraars) hebben je activa op deze datum gewaardeerd. Deze waarde dient voortaan als fiscale aankoopprijs om de meerwaarde te berekenen bij een verkoop in 2026 of later.
📈
Wat belast wordt: de meerwaarde POST-31/12/2025 Als je een aandeel kocht aan € 100 in 2018, het € 200 waard was op 31/12/2025 en je het verkoopt aan € 250 in 2026, bedraagt de belastbare meerwaarde slechts € 50 (250 − 200), niet € 150.
📋
Mogelijkheid om de werkelijke aankoopprijs in te roepen Als de werkelijke aankoopprijs hoger is dan de waarde op 31/12/2025 (situatie van latente minderwaarde eind 2025), kun je deze inroepen via je aangifte. Deze optie is enkel geldig voor verkopen vóór 1 januari 2031.
🔍
Belang van het bewijs Bewaar zorgvuldig de aankoopborderellen en portefeuille-uittreksels voor activa verworven vóór 2026. Voor activa gekocht vanaf 1 januari 2026 wordt bij gebrek aan bewijs de aanschaffingswaarde als nul beschouwd (en is dus de volledige verkoop belastbaar).

De FIFO-methode en de berekening van de meerwaarde

Voor gespreide aankopen van eenzelfde actief (wat het geval is zodra je maandelijkse stortingen doet in ETF's bijvoorbeeld), legt de wet de methode FIFO — First In, First Out op: de eerst gekochte delen worden geacht eerst verkocht te zijn.

Becijferd FIFO-voorbeeld

Datum Verrichting Hoeveelheid Eenheidsprijs
Jan 2026 Aankoop lot A 100 delen € 50
Mei 2026 Aankoop lot B 100 delen € 60
Sept 2026 Verkoop 150 delen € 80

Volgens de FIFO-methode:

Op deze € 4 000 geldt de jaarlijkse vrijstelling van € 10 000: geen belasting te betalen (mits aangifte).

⚠️ Niet-aftrekbare kosten en belastingen

Voor de berekening van de meerwaarde kun je de makelaarskosten, de TOB en andere belastingen niet aftrekken. De brutomeerwaarde is strikt het verschil tussen de verkoop- en aankoopprijs.

Compensatie van minderwaarden

Je kunt de minderwaarden die je hetzelfde jaar realiseert van de meerwaarden aftrekken, maar enkel binnen dezelfde categorie activa (dus aan hetzelfde tarief). Een minderwaarde op ETF's compenseert een meerwaarde op aandelen, maar niet een meerwaarde op aanmerkelijk belang (belast aan 1,25-10%) of op interne meerwaarde (33%).

Latente minderwaarden op 31 december 2025 zijn niet overdraagbaar — alleen de minderwaarden gerealiseerd vanaf 2026 spelen een rol.

Opt-in of opt-out — de keuze die telt

Vanaf 1 juni 2026 houden de Belgische banken automatisch de belasting in aan de bron. Dat is het regime opt-in, standaard. Maar je kunt kiezen voor opt-out en de aangifte zelf beheren.

Criterium Opt-in (standaard) Opt-out (op verzoek)
Wie houdt de belasting in De bank, automatisch Niemand houdt in; je geeft het zelf aan
Prefinanciering Ja — de bank houdt in zonder rekening te houden met vrijstellingen Nee — je betaalt op het moment van de aangifte (medio 2027)
Vrijstelling € 10 000 Te recupereren via PB-aangifte Direct in de aangifte te claimen
Minderwaarden Niet meegerekend door de bank, te regulariseren Direct in de aangifte gecompenseerd
Discretie Bank geeft info door, maar de fiscus heeft enkel het resultaat Volledige details door de bank aan de fiscus doorgegeven
Aanvraagmodaliteit Geen — standaard Expliciete keuze per effectenrekening, ondertekend door alle co-titularissen
✅ Wanneer opt-out voordeliger is

Opt-out is meestal te verkiezen als: je weinig meerwaarden per jaar realiseert (onder de € 10 000), je ook minderwaarden te compenseren hebt, of je liever geen liquiditeit voorschiet aan de fiscus om ze later te recupereren. Omgekeerd is opt-in eenvoudiger als je wilt dat alles door de bank wordt beheerd zonder iets extra aan te geven (met het risico de vrijstelling niet te activeren).

De overgangsperiode (1 januari — 31 mei 2026)

Tijdens deze specifieke periode konden de banken de belasting niet inhouden (wet nog niet gepubliceerd). Het regime opt-out gold standaard: je moet de gerealiseerde meerwaarden zelf aangeven in je PB-aangifte 2026 (in te dienen in 2027).

Verschillende banken (Belfius, Crelan, vdk…) hebben een mechanisme van « one-shot »-regularisatie aangeboden: je kunt hen vragen de belasting achteraf in te houden op de transacties van de overgangsperiode om het bevrijdende karakter te genieten (en te vermijden alles zelf te moeten aangeven).

Het speciaal regime aandeelhouders > 20%

Voor aandeelhouders met ten minste 20% van het kapitaal van een vennootschap (aanmerkelijk belang) geldt een specifiek regime met progressieve tarieven in plaats van het uniforme tarief van 10%.

Schijf van meerwaarde Tarief
Eerste miljoen euro (gespreid over 5 jaar) 0% (vrijstelling)
Tot € 2,5 mln 1,25%
Van € 2,5 tot € 5 mln 2,5%
Van € 5 tot € 10 mln 5%
Boven € 10 mln 10%

Dit regime betreft met name oprichters van ondernemingen die hun vennootschap doorverkopen. De drempel van 20% wordt beoordeeld op stemrechten of op deelname in het kapitaal. De waardering van de vennootschap voor de berekening van de historische meerwaarde op 31/12/2025 kan gebeuren volgens een forfaitaire methode (eigen vermogen + 4× EBITDA) of door evaluatie door een bedrijfsrevisor / onafhankelijke gecertificeerde accountant — uiterlijk op 31 december 2026 voor de forfaitaire methode, 31 december 2027 voor de evaluatie door een expert.

Schenkingen, nalatenschappen en expatriatie

De belasting behandelt overdrachten om niet en wijzigingen van fiscale woonplaats apart.

🎁
Schenkingen Geen onmiddellijke belasting van de latente meerwaarde bij de schenking. Maar de oorspronkelijke aankoopprijs blijft in aanmerking genomen: als de begiftigde later verkoopt, betaalt hij de belasting op de meerwaarde berekend vanaf de aankoopprijs van de schenker (of de waarde op 31/12/2025 voor eerdere activa).
⚱️
Nalatenschappen Zelfde principe: geen onmiddellijke belasting bij overlijden, maar de aan de erfgenamen overgedragen aankoopprijs is die van de overledene. Klassieke vermogensstrategie: de schenking blijft een interessant instrument omdat de schenkrechten (3-7%) vaak lager zijn dan de combinatie successierechten + meerwaardebelasting.
✈️
Expatriatie (« exit tax ») Wanneer je je fiscale woonplaats buiten België overbrengt, beschouwt de wet dat je al je beleggingen op dat moment hebt « verkocht ». De latente meerwaarden opgebouwd sinds 1 januari 2026 worden belast alsof ze waren gerealiseerd. Een automatische uitstel van 2 jaar geldt bij verhuizing naar de EU/EER of een Staat met een belastingverdrag met België.
⚠️ Vruchtgebruik en blote eigendom

In geval van vruchtgebruiksplitsing (vruchtgebruik / blote eigendom) is de meerwaardebelasting verschuldigd door de blote eigenaar. Dit kan een probleem opleveren als de vruchtgebruikovereenkomst de opbrengsten en meerwaarden aan de vruchtgebruiker toekent: de blote eigenaar zou dan een belasting moeten betalen op een meerwaarde die hij niet heeft ontvangen. Raadpleeg je notaris vóór elke vruchtgebruiksplitsing post-2026.

Strategieën om legaal te optimaliseren

De nieuwe belasting betekent niet dat je in paniek moet raken: er bestaan perfect legale hefbomen om de impact te minimaliseren.

1
De verkopen spreiden om de vrijstelling elk jaar te benutten Als je een grote portefeuille hebt met aanzienlijke latente meerwaarden, maximaliseert alles in één keer verkopen de belasting. Verkopen in schijven van minder dan € 10 000 meerwaarde/jaar (koppel: € 20 000) kan je over meerdere jaren volledig vrijstellen.
2
Pensioensparen en aanvullende pensioenen maximaliseren Deze producten blijven volledig vrijgesteld. Voor 2026, stort tot € 1 050 (vermindering 30%) of € 1 350 (vermindering 25%) in pensioensparen. Voor zelfstandigen zijn VAPZ en IPT ook efficiënte hefbomen.
3
Aankoopbewijzen vóór 2026 zorgvuldig bewaren Borderellen, jaarlijkse uittreksels, screenshots van makelaar: alles wat je werkelijke aankoopprijs bewijst voor activa verworven vóór 2026. Als deze prijs hoger is dan de waarde op 31/12/2025, kun je deze inroepen (tot de verkopen van 31/12/2030).
4
Kiezen tussen opt-in en opt-out volgens je profiel Opt-out als je vaak meerwaarden + minderwaarden hebt die elkaar compenseren of als je onder € 10 000 jaarlijks aan winsten blijft. Opt-in als je de eenvoud verkiest en geen specifieke aangifte wilt doen (ten koste van het terugkrijgen van het te veel betaalde via de aangifte).
5
Een Tak 23-beleggingsverzekering gebruiken om te herbalanceren zonder te belasten In een Tak 23 wordt de overdracht van het ene interne fonds naar een ander niet beschouwd als een belastbare cessie. Je kunt dus je allocatie herbalanceren, van strategie veranderen, zonder belasting te activeren — die geldt enkel bij de effectieve afkoop. Let op: de specifieke fiscaliteit van takken 21/23 blijft geval per geval te analyseren.
6
Coördineren met je echtgenoot om de vrijstelling te verdubbelen Een gehuwd koppel of in wettelijke samenwoning beschikt over € 20 000 jaarlijkse vrijstelling gecumuleerd. Voor gemeenschappelijke rekeningen, controleer of de vrijstelling correct geactiveerd is voor beide titularissen in de aangifte.
7
Strategische schenkingen anticiperen Een schenking van effecten aan je kinderen activeert de belasting niet op het moment van de schenking, maar de aankoopprijs wordt overgedragen. De Belgische schenkrechten (3% in rechte lijn) blijven vaak goedkoper dan de combinatie successierechten + meerwaardebelasting.

De valkuilen om te vermijden in 2026

⚠️
Geloven dat de inhouding aan de bron volstaat In opt-in houdt de bank 10% in zonder rekening te houden met vrijstellingen of minderwaarden. Als je je meerwaarden niet aangeeft in je PB-aangifte, verlies je de vrijstelling van € 10 000. Dit is waarschijnlijk het grootste potentiële verlies voor occasionele beleggers.
⚠️
De overgangsperiode vergeten De meerwaarden gerealiseerd tussen 1 januari en 31 mei 2026 worden niet aan de bron ingehouden. Je moet ze zelf aangeven (of een regularisatie aan je bank vragen). Niets doen = risico op fiscale rectificatie.
⚠️
Aankoopbewijzen vóór 2026 niet bewaren Zonder bewijs zit je vast aan de waarde op 31/12/2025. Als de werkelijke aankoopprijs hoger was, betaal je een belasting op een gedeeltelijk fictieve meerwaarde. Verzamel en archiveer alles vanaf nu.
⚠️
Meerwaardebelasting en roerende voorheffing verwarren De twee bestaan naast elkaar. Dividenden blijven onderworpen aan de voorheffing van 30% (zelfs op je distributie-ETF's), de TOB geldt nog altijd bij aankoop/verkoop, de Reynders-belasting van 30% geldt op de obligatiecomponent van 19bis-fondsen. De meerwaardebelasting van 10% komt erbovenop.
⚠️
De zaak van buitenlandse brokers negeren Als je een niet-Belgische broker gebruikt (DEGIRO, Interactive Brokers, Trade Republic, Bolero…), houdt deze de meerwaardebelasting niet automatisch in. Je moet verplicht al je meerwaarden aangeven in je PB-aangifte. Dezelfde regel als voor de TOB op buitenlandse brokers.
⚠️
Het risico « abnormaal beheer » onderschatten Als je zeer actief trading doet, kan de fiscus herkwalificeren als abnormaal beheer → 33% in plaats van 10%, zonder enige bescherming van historische meerwaarden. Behoud een buy-and-hold strategie of vraag advies vóór frequent te traden.